10.4 Grafiekindeling aanpassen
Loading.Met de knop [Snelle indeling] ([Quick layout]) kun je verschillende standaardgrafiekindelingen selecteren. Daarnaast kun je de individuele onderdelen van een grafiekindeling meer gedetailleerd aanpassen; dat leer je hierna.
10.4.1 Labels en titels toevoegen
- Selecteer de grafiek.
- Klik op het extra tabblad Grafiekontwerp (Chart Design) in de groep Grafiekindeling (Chart layout) op de knop [Grafiekelement toevoegen] ([Add Chart Element]).
- Selecteer Grafiektitel (Chart Title).
- Selecteer een van de soorten titels, bijvoorbeeld Boven grafiek (Above Chart).
- Typ een titel en druk op <Enter>.
| Let op |
|---|
| Als je de titel typt, dan kun je deze in de formulebalk typen, maar ook in het tekstvak in de grafiek. Kies wat jou het beste bevalt. |
10.4.2 Gedetailleerde aanpassingen
- Klik op het extra tabblad Grafiekontwerp (Chart Design) in de groep Grafiekindeling (Chart layout) op de knop [Grafiekelement toevoegen] ([Add Chart Element]).
- Selecteer Astitels (Axis Titles).
- Kies voor het wijzigen van de titel van een van de assen, bijvoorbeeld de primaire verticale as.
- Typ een titel en druk op <Enter>.
- Klik opnieuw op de knop [Grafiekelement toevoegen] ([Add Chart Element]).
- Selecteer Astitels (Axis Titles).
- Klik op Meer opties voor astitels (More Options for Axis Titles).
Taakvenster
Aan de rechterkant van het scherm wordt nu het taakvenster Astitel opmaken (Format Axis Title) weergegeven. Hierin kun je nu gedetailleerde opmaak toepassen, zowel voor de Opties voor titel (Options for title) als voor de Tekstopties (Text options).
Opties voor titel
Bekijk je eerst de Opties voor titel (Options for title) dan zijn hier drie knoppen:
- Opvulling en rand
- Effecten
- Plaatsing
Elk van deze knoppen heeft weer een aantal mogelijke opties die je kunt selecteren en aanpassen.
Opvulling en rand
Met deze knop kan het tekstvak van de astitel een aangepaste opvulling en randkleur krijgen.
- Klik op de driekhoekjes voor Opvulling (Fill) en Rand (Border) om meer opties voor instellingen weer te geven.
- Bij elk van de keuzerondjes zijn er meer instellingen die je kunt selecteren. Zoals bij een Effen opvulling (Solid fill) de Kleur en Doorzichtigheid (Color en Transparancy).
- Bij Opvulling met kleurovergang (Gradient fill) heb je veel meer opties om in te stellen.
- Ook bij Rand (Border) zijn er per keuzerondje verschillende opties te selecteren.
- Selecteer de gewenste instellingen.
| Tip |
|---|
| Probeer de verschillende mogelijkheden eens uit. De taakvensters bevatten zoveel mogelijkheden dat het te ver gaat deze allemaal te bespreken. Dit geldt niet alleen voor de taakvensters bij de astitels, maar eigenlijk voor alle taakvensters in Excel (en ook in de andere Office apps). |
Effecten
Met deze knop kan het tekstvak van de astitel van allerlei effecten worden voorzien.
- Klik op de driekhoekjes bij Schaduw (Schadow), Gloed (Glow), Vloeiende randen (Soft Edges) of 3D-opmaak (3-D-Format) om meer opties voor instellingen te zien.
- Elke optie kent weer veel verschillende mogelijkheden.
- De 3D-opmaak kent de meest bijzondere opties.
Plaatsing
Met deze knop kan de positie van de astitel worden aangepast.
- Klik op het driehoekje bij Uitlijning (Alignment) om alle keuzeopties weer te geven.
Tekstopties
Bij Tekstopties (Text Options) kun je letters van een eigen opmaak voorzien. Hier zijn ook weer 3 knoppen:
- Tekstopvulling, en Tekstcontour
- Teksteffecten
- Tekstplaatsing.
- Selecteer bij de verschillende knoppen de opties en instellingen die je wilt.
Tip Je kunt ook dubbelklikken op het onderdeel van de grafiek die je wilt opmaken of aanpassen. Ook dan wordt het taakvenster aan de rechterkant weergegeven.
| Let op |
|---|
|
Met de lijstpijl bovenaan het taakvenster kan een ander grafiekelement gekozen worden. Zo kun je elk element van de grafiek een gedetailleerde opmaak geven. |
| Tip |
|---|
|
Het taakvenster kan ook aangezet worden met de knop [Selectie opmaken] ([Format Selection]) op het extra tabblad Opmaak (Format). Afhankelijk van het geselecteerde onderdeel in de grafiek wordt het bijpassende taakvenster weergegeven. |
10.4.3 Legenda toevoegen of wijzigen
Met een legenda bij de grafiek worden de kleuren en/of symbolen in de grafiek verklaard. Je kunt de legenda weglaten of weergeven op verschillende posities bij de grafiek.
- Selecteer de grafiek.
- Klik op het extra tabblad Grafiekontwerp (Chart Design) in de groep Grafiekindeling (Chart layout) op de knop [Grafiekelement toevoegen] ([Add Chart Element]).
- Selecteer Legenda (Legend).
- Selecteer een van de legendaopties.
- Klik op Meer opties voor legenda (More options for Legend) om het paneel voor gedetailleerde opmaak en de positie weer te geven.
| Tip |
|---|
|
Je kunt ook naast de grafiek op de knop [Grafiekelementen] ([Chart Elements]) klikken en daar het element Legenda (Legend) aanvinken. |
10.4.4 Gegevenslabels toevoegen
Met Gegevenslabels (Data labels) kun je de cijfers waarop de grafiek is gebaseerd opnemen in de grafiek.
- Selecteer de grafiek.
Hierbij maakt het een verschil of je de hele grafiek of de gegevens in de grafiek selecteert.
- Klik op het extra tabblad Grafiekontwerp (Chart Design) in de groep Grafiekindeling (Chart layout) op de knop [Grafiekelement toevoegen] ([Add Chart Element]).
- Selecteer Gegevenslabels (Data Labels).
- Selecteer een van de gegevenslabelopties.
10.4.5 Weergave van assen wijzigen
- Selecteer de grafiek.
- Klik op het extra tabblad Grafiekontwerp (Chart Design) in de groep Grafiekindeling (Chart layout) op de knop [Grafiekelement toevoegen] ([Add Chart Element]).
- Selecteer Assen (Axes).
- Klik op Meer opties voor assen (More Option for Axes).
In het taakvenster aan de rechterkant van het scherm is er, naast de drie eerder besproken knoppen, een extra knop [Opties voor as] ([Axis Options]).
- Klik op de verschillende driehoekjes om de opties weer te geven.
- Selecteer de instellingen die je wenst.
10.4.6 Rasterlijnen weergeven of verbergen
Door Rasterlijnen (Gridlines) in de grafiek op te nemen worden de gegevens beter leesbaar.
- Selecteer de grafiek.
- Klik op het extra tabblad Grafiekontwerp (Chart Design) in de groep Grafiekindeling (Chart layout) op de knop [Grafiekelement toevoegen] ([Add Chart Element]).
- Selecteer Rasterlijnen (Gridlines).
- Klik op Meer opties voor rasterlijnen (More Options for Gridlines).
Aan de rechterkant van het scherm is nu het taakvenster zichtbaar waar aanpassingen aan de rasterlijnen kunnen worden gemaakt.
Hier zijn slechts twee knoppen zichtbaar Opvulling en lijn (Fill and Border) en Effecten (Effects). Van de eerste knop is alleen de optie lijn beschikbaar. De manieren voor instellen die eerder uitgelegd zijn zijn ook hier van toepassing.
- Selecteer de instellingen die je wenst.