Skip to main content

9.2 Afdrukken en exporteren naar PDF

Loading.Het afdrukken van werkbladen wordt steeds minder gedaan, omdat iedereen de werkbladen gemakkelijk op één of meer schermen kan raadplegen. Mocht het toch nodig zijn om een werkblad af te drukken of er een PDF van te maken, dan is het raadzaam om eerst het afdrukvoorbeeld te bekijken. Je kunt dan zien of alles naar wens zal worden afgedrukt of geëxporteerd.

9.2.1 Afdrukken via Backstage

Wil je een werkblad afdrukken, dan kun je Backstage, via Bestand, Afdrukken (File, Print) een en ander instellen om de afdruk te beïnvloeden voordat er wordt afgedrukt.

  • Klik op het tabblad Bestand (File).
    • Klik op Afdrukken (Print) om een afdruk op papier te maken.
    • Klik op Exporteren, PDF- of XPS-document maken (Export, Create PDF/XPS Document) om een PDF-bestand te maken

In het middelste deel van het venster zie je instelmogelijkheden voor het afdrukken. Rechts zie je het afdrukvoorbeeld (in het voorbeeld hierboven is gekozen voor het afdrukken naar een Adobe PDF-bestand).

9.2.2 Afdrukvoorbeeld bekijken

Het afdrukvoorbeeld toont een weergave van het werkblad zoals het er op papier of in de PDF zal uitzien.

Onderaan staat welke pagina je ziet en hoeveel pagina’s er totaal zijn.

Je kunt met behulp van de verticale schuifbalk, maar ook met de knop  [Volgende pagina] ([Next Page]) en  [Vorige pagina] ([Previous Page]), door de pagina’s bladeren.

In de rechteronderhoek zie je twee knoppen:

Knop Werking

Hiermee kun je in- en uitzoomen op de afdrukpagina.

Hiermee kun je de marges weergeven.

Deze marges kun je aanpassen door ze te verslepen.

  • Sluit het afdrukvoorbeeld door op de <Esc>-toets te drukken of door linksboven op de knop  te klikken.

9.2.3 Instelmogelijkheden Backstage

Bij Instellingen (Settings) kun je verschillende mogelijkheden kiezen, bijvoorbeeld:

  • Instellen dat je alles, alleen geselecteerde werkbladen of een selectie wilt afdrukken,
  • Dat je alleen bepaalde pagina’s (bijvoorbeeld 1 t/m 3) wilt afdrukken,
  • Dat je wel of niet de afgedrukte pagina’s gesorteerd wilt,
  • Dat je de afdrukstand van staand naar liggend wilt wijzigen,
  • Welk papierformaat je wilt gebruiken,
  • Hoe groot de marges moeten zijn,
  • Hoe de schaal voor het afdrukken moet zijn.

De onderste knop geeft je de keuze of je de afdruk op ware grootte wilt afdrukken (Niet aanpassen (No scaling). Je kunt hier ook kiezen of je een blad, kolommen of rijen passend wilt maken voor een afdruk op het standaard papierformaat.

Deze instellingen kun je ook doen op het tabblad Pagina-indeling (Page layout) in de groep Pagina-instelling (Page setup).