Skip to main content

8.4 Celopmaak kopiëren, wissen en vervangen

De opmaak van cellen (celeigenschappen) kun je kopiëren en op andere cellen plakken. De inhoud blijft daarbij onaangetast. Daarnaast is het mogelijk om alle opmaak van geselecteerde cellen te wissen. De opmaak wordt dan teruggezet naar de standaard. Zelfs zoeken en vervangen van opmaak is mogelijk.

8.4.1 Opmaak kopiëren en plakken

In plaats van steeds opnieuw toepassen van dezelfde opmaak, kun je de opmaak van cellen ook naar andere cellen kopiëren. Je kopieert dan alleen de opmaak en niet de inhoud van de cellen.

  • Selecteer de cellen met de juiste opmaak.
  • Klik in het tabblad Start (Home) in de groep Klembord (Clipboard) op de knop [Opmaak kopiëren/plakken] ([Format painter]).

De muisaanwijzer veranderd in een plus met een kwastje.

  • Klik met de muis op de cel links boven de cellen die dezelfde opmaak moeten krijgen als de geselecteerde cellen of sleep met de muis over de cellen.
Tip

Als je eenmaal klikt op de knop [Opmaak kopiëren/plakken] ([Format painter]), kun je deze maar één keer gebruiken. Wanneer je dubbelklikt, blijft de knop actief. Je kunt dan meer celbereiken voorzien van de geselecteerde opmaak. Als je klaar bent, klik je nog een keer op [Opmaak kopiëren/plakken] ([Format painter]) om deze functie weer uit te zetten.

8.4.2 Opmaak wissen

Opmaak verdwijnt niet door op <Delete> te drukken. Hiermee verdwijnt namelijk alleen de inhoud van de geselecteerde cellen en blijft de opmaak intact.

Om de opmaak te verwijderen moet je de volgende stappen nemen.

  • Selecteer de cellen waarvan je de opmaak wilt wissen.
  • Klik in het tabblad Start (Home) in de groep Bewerken (Editing) op de knop [Wissen] ([Clear]).
  • Selecteer wat je wilt wissen:

8.4.3 Opmaak vervangen

Als de opmaak van een cel moet worden vervangen, kan dit door Excel automatisch in de hele werkmap worden gedaan.

  • Klik in het tabblad Start (Home) in de groep Bewerken (Editing) op de knop [Zoeken en selecteren] ([Find & select]).

  • Selecteer de optie Vervangen (Replace).

Het dialoogvenster Zoeken en vervangen (Find and replace) wordt weergegeven. Dit venster bestaat uit twee tabbladen. Maak het tabblad Vervangen (Replace) actief.

  • Klik op de knop [Opties] ([Options]).

  • Klik op de knop [Opmaak] ([Format]) bij Zoeken naar (Find what) om een opmaak in te stellen die vervangen moet worden.
  • Klik op de knop [Opmaak] ([Format]) bij Vervangen door (replace with) om de vervangings-opmaak in te stellen.
  • Klik op [Volgende zoeken] ([Find Next]) om de zoekopdracht te starten.

Je komt nu bij de eerst gevonden opmaak en kunt vervolgens besluiten om de opmaak te vervangen door op de knop [Vervangen] ([Replace]) te klikken óf om de opmaak te laten staan en naar een volgende opmaak te zoeken met de knop [Volgende zoeken] ([Find Next]).

  • Klik net zo vaak op [Vervangen] ([Replace]) tot alle opmaak is aangepast.
Let op
Door op de knop [Alles vervangen] ([Replace All]) te klikken kan er aangegeven worden dat alles in een keer aangepast mag worden. Na afloop van deze actie krijg je bericht hoeveel keren de vervangopdracht is toegepast.
  • Klik op [Sluiten] ([Close]) om het zoek/vervangvenster te sluiten.